
Hemelaster
Aster azureus

Wilde bijen & Hemelaster
De hemelaster, Aster azureus, is een waardevolle plant voor wilde bijen, met name in de late zomer en vroege herfst wanneer veel andere bloemen niet meer bloeien. Deze plant trekt verschillende soorten solitaire bijen aan, zoals de groefbijen en metselbijen, die graag gebruik maken van zowel nectar als stuifmeel. Hommels zoals de steenhommel en tuinhommel kunnen ook op de hemelaster gezien worden, vooral omdat ze actief blijven tot in de herfst.
Zweefvliegen zijn ook regelmatige bezoekers van de hemelaster. Deze insecten helpen niet alleen bij de bestuiving maar dragen ook bij aan de natuurlijke bestrijding van bladluizen in de tuin. De ecologische waarde van de hemelaster ligt vooral in zijn lange bloeiperiode, die een cruciale voedselbron biedt als veel andere planten al zijn uitgebloeid.
Honingbijen & Hemelaster
Voor honingbijen biedt de hemelaster een gematigde nectar- en pollenbron. De nectarwaarde van 2 op een schaal van 5 betekent dat de plant weliswaar niet de meest voedzame is, maar nog steeds een bijdrage levert aan de diversiteit van het dieet van de bijen. Honingbijen bezoeken de hemelaster vooral in de namiddag, wanneer de temperaturen hoger zijn en de nectarproductie optimaal is.
Het stuifmeel van de hemelaster is geel tot geel-oranje van kleur en wordt door bijen naar de korf gebracht om te dienen als eiwitbron voor het broed. Hoewel het geen primaire drachtplant is, kan de hemelaster waardevol zijn in bijenlandschappen vanwege zijn lange bloeiperiode van juli tot oktober.
Kweken & teelt
De hemelaster is een vaste plant die gedijt in goed doorlatende grond met een neutrale tot licht zure pH. Deze plant heeft een voorkeur voor een zonnige standplaats maar kan ook halfschaduw verdragen. Hij is redelijk droogtetolerant, maar tijdens langdurige droogteperiodes is water geven wenselijk. De beste planttijd voor de hemelaster is in het voorjaar of de vroege herfst.
Vermeerdering van de hemelaster kan eenvoudig gebeuren door deling in het voorjaar of door het zaaien van zaden in het vroege voorjaar. Deze plant is winterhard en kan koude winters doorgaans goed doorstaan. Het is een meerjarige plant die in de loop der jaren steeds voller en uitbundiger kan bloeien.
Verzorging & snoeien
De hemelaster heeft relatief weinig onderhoud nodig. Bemesting met een organische meststof in het voorjaar ondersteunt de groei en bloei. Het is niet noodzakelijk om vaak water te geven, behalve tijdens zeer droge perioden wanneer extra water van pas kan komen.
Snoeien van de hemelaster kan het beste gebeuren in het late najaar na de bloei of in het vroege voorjaar voordat de nieuwe groei begint. Door de planten jaarlijks terug te snoeien tot ongeveer 10-15 cm boven de grond, stimuleer je een gezonde, compacte groei en voorkom je dat de planten te lang en dun worden. Regelmatige controle op ziekten en plagen is aan te raden, hoewel de hemelaster over het algemeen resistent is tegen veelvoorkomende problemen.