
Zodeklokje
Campanula cochleariifolia

Wilde bijen & Zodeklokje
Het zodeklokje (Campanula cochleariifolia) biedt een aantrekkelijke voedselbron voor wilde bijen, met name solitaire bijen en hommels. De klokvormige bloemen zijn goed toegankelijk voor bijen met een langere tong, zoals de akkerhommel (Bombus pascuorum) en de tuinbladsnijderbij (Megachile centuncularis). De nectar en stuifmeel van het zodeklokje zijn van gemiddelde waarde, maar kunnen een belangrijke aanvulling zijn op het dieet van deze bijen, vooral in de vroege zomer wanneer het aanbod van bloeiende planten beperkt kan zijn.
Naast bijen kunnen ook zweefvliegen zich aangetrokken voelen tot de bloemen van het zodeklokje. Deze insecten zijn uitstekende bestuivers en helpen bij de bestuiving van de bloemen door van bloem naar bloem te vliegen. Het zodeklokje draagt zodoende bij aan de biodiversiteit en het ecologisch evenwicht in de tuin of in het wild.
Honingbijen & Zodeklokje
Honingbijen (Apis mellifera) bezoeken het zodeklokje tijdens de bloeiperiode van juni tot en met juli. De nectar en het stuifmeel die deze plant biedt, hebben beide een middelmatige waarde voor honingbijen. Dit betekent dat, hoewel het niet de hoogste prioriteit heeft voor honingbijen, het een goede aanvulling kan zijn op andere nectar- en stuifmeelbronnen in de buurt.
De witachtige stuifmeelkleur van het zodeklokje is een herkenbare eigenschap voor imkers die hun bijenkasten observeren. Het is nuttig om te weten dat honingbijen doorgaans in de ochtenduren het meest actief zijn bij het verzamelen van nectar en stuifmeel van het zodeklokje, afhankelijk van de weersomstandigheden. Dit kan imkers helpen bij het plannen van hun bijenteeltactiviteiten.
Kweken & teelt
Het zodeklokje is een meerjarige plant die het goed doet op een goed doorlatende, humusrijke bodem met een neutrale tot licht alkalische pH. Het gedijt het beste in volle zon of halfschaduw, waar het voldoende licht krijgt om te bloeien. De plant kan in het voorjaar of de herfst worden geplant, waarbij de voorkeur uitgaat naar een koelere periode om de wortels goed te laten vestigen.
Vermeerdering kan plaatsvinden via zaden of door het scheuren van bestaande planten in het vroege voorjaar. Het zodeklokje groeit laag bij de grond en vormt dichte tapijten, waardoor het uitstekend geschikt is als bodembedekker in rotstuinen of aan de rand van borders. Het is redelijk winterhard en kan de meeste winters in Nederland goed doorstaan, mits het niet te nat staat.
Verzorging & snoeien
Het zodeklokje heeft niet veel verzorging nodig, maar profiteert wel van een jaarlijkse bemesting met organische meststof in het vroege voorjaar. Dit bevordert de groei en bloei. In periodes van droogte is het belangrijk om regelmatig water te geven, vooral wanneer de plant in volle zon staat. Zorg ervoor dat de grond niet te lang nat blijft, omdat dit wortelrot kan veroorzaken.
Snoeien is over het algemeen niet noodzakelijk voor het zodeklokje, maar het verwijderen van uitgebloeide bloemen kan de plant stimuleren om langer door te bloeien. In het najaar kunnen eventuele dode of beschadigde bladeren worden verwijderd om een nette uitstraling te behouden en ziektes te voorkomen. Het is een onderhoudsvriendelijke plant die goed past in een natuurlijke tuinomgeving.